De Elfstedentocht in bikini
Door: Niels Olivier
De dweilpauzes zijn te lang, de kaartjes zijn te duur en de afstanden zijn te saai om naar te kijken. Zomaar een greep uit het commentaar dat de laatste weken op de schaatssport is afgevuurd. De schaatssport is ouderwets aan het worden. Op mondiaal niveau is er maar amper aandacht voor de sport. Sportmarketeer Bob van Oosterhout zei niet voor niets tegen De Pers: “ Schaatsen moet stoer en sexy worden.”
Kritiek genoeg, maar wat zijn de oplossingen? Hoe wordt het schaatsen ‘stoer en sexy’? Hoe wordt de sport interessanter voor de mondiale media? En hoe wordt de sport aantrekkelijker voor sponsoren?
Kleine verbeteringen
De eerste stap die volgens mij genomen moet worden: maak het voor potentiële bezoekers aantrekkelijker om naar een toernooi te komen kijken. Dat houdt in: goedkopere kaarten, kortere dweilpauzes, goedkoper eten en drinken (bier), meer muziek en meer amusement naast het schaatsen. Het KPN clubhuis is bijvoorbeeld een goed initiatief.
Showsport
Als toeschouwer wil je geamuseerd worden. Vroeger was het een meeschrijfsport, maar de nieuwe generatie jongeren wil niet weten wat het verschil was tussen nummer vijf en zes van het klassement. De nieuwe generatie wil actie en show zien! Neem bijvoorbeeld Mika Poutala, showman ten top, je kunt hem haten of je kunt van hem houden, maar als hij aan de start staat zap je nooit weg. En wat te denken van Sven Kramer. De kijkcijfers verdubbelen wanneer hij aan de start staat, want Sven brengt leven in de brouwerij. En dat is precies wat de sport nodig heeft. Zelfverzekerde mannen en vrouwen die er een show van durven te maken.
Ook de procedures rond een toernooi moeten dan veranderen. Kijk alleen maar naar de aankondiging van een 100 meter sprint bij atletiek. Pure show. De 100 meter staat altijd garant voor spektakel. Bij schaatsen kan dat ook. Het moeilijke is dat schaatsers uit hun schulp moeten kruipen en zich moeten openstellen voor het publiek en tegelijk de focus op hun race moeten houden. Dit lijkt vreemd, maar de snelst rennende man op aarde, Usain Bolt, maakt ook de grootste show! Nou wil ik niet zeggen dat iedereen zich als Usain Bolt moet gaan gedragen, maar meer show zou de populariteit van de sport ten goede komen.
De afstanden veranderen
De oplossing die je het meest hoort is de afstanden veranderen. Er worden nieuwe disciplines verzonnen, bijvoorbeeld de mass-start en de teamsprint. Terwijl de tien kilometer afgeschaft zou moeten worden. Nieuwe, spectaculaire disciplines bedenken is in mijn ogen een goede oplossing, maar het afschaffen van de tien kilometer niet, althans niet in Nederland. De kijkcijfers van het schaatsen in Nederland zijn niet voor niets het hoogst als er een tien kilometer gereden wordt. Ik denk dat de huidige afstanden moeten blijven, maar naast de huidige afstanden moet zeker getest worden met nieuwe disciplines. Een vorm van een kortebaanwedstrijd (over 100 meter?) op kunstijs zou een optie kunnen zijn, of een relay (aflossing) zoals ze dat met Shorttrack en Inline doen. Deze opties zouden in ieder geval garant staan voor spektakel!
En als al deze vernieuwingen niet 'stoer en sexy' genoeg zijn, kunnen de dames altijd nog de Elfstedentocht in een bikini rijden!
Professioneel
Door: Erik Bouwman
Met verbazing kijk ik ieder seizoen weer om me heen. Hoe professioneel zijn onze schaatsploegen? En hoe zelfbewust zijn onze schaatsers? Deze week de keuze van Simon Kuipers om te stoppen voor dit seizoen. Uiteindelijk een gevolg van een keuze om uit een ‘succesproces’ te stappen en te kiezen voor een nieuw avontuur. Dat nieuwe avontuur lonkte waarschijnlijk vooral door een fors beter contract. Zonder de echte redenen te kennen, maar die waren in ieder geval niet sporttechnisch, stapten ook de twee meest toonaangevende Nederlandse sprintdames uit dit ‘succesproces’ Erg jammer richting Sochi, want Annette en Margot boeren toch langzaam iets achteruit, terwijl Laurine ze ook best zal missen in het toenmalige hoge niveau treintje. Andersom, een ‘zelfbewuste’ keuze van Sjoerd de Vries waar het proces waar hij in zat niet het gewenste succes opleverde. Zijn keuze om ‘betere randvoorwaarden’ in te leveren voor een beter gevoel bij een andere aanpak, betaalt zich gelijk uit.
Is het professioneel dat het eerst draait om een plek in een ploeg, dan om een contractje en de aanpak van het begeleidingsteam op de koop wordt toegenomen? Is het professioneel dat bij het vertrekken naar andere ploegen van rijders die ik onder mijn hoede had, de afgelopen jaren slecht één trainer de moeite heeft genomen informatie in te winnen voor een fatsoenlijke overdracht? Maar gelukkig zie ik tijdens de toernooien ook de echte professionaliteit wanneer de fysiotherapeuten het onmisbare steuntje geven richting het ijs om na de race de bidon aan te geven.
Schaatsers: denk na!



